Thorbecke  |  Waarderingskamer  |  Vastgoedcert  |  VNG   
 

HUIZENBEZITTER LEERT LEVEN MET WOZ

Huiseigenaren weten weer wat hun woning waard is, althans als het ligt aan de taxateurs van hun gemeente. De ambtenaren hebben zeven miljoen aanslagen de deur uitgedaan voor de onroerendezaakbelasting.

Huizenbezitter leert leven met WOZ
Door Marc van den Eerenbeemt
gepubliceerd op 19 maart 2008 07:00, bijgewerkt op 19 maart 2008 10:11

AMSTERDAM - Huiseigenaren weten weer wat hun woning waard is, althans als het ligt aan de taxateurs van hun gemeente. De ambtenaren hebben zeven miljoen aanslagen de deur uitgedaan voor de onroerendezaakbelasting. Die heffing is gebaseerd op een taxatie van de waarde van een huis of bedrijfspand op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ). Huiseigenaren hebben na ontvangst van de aanslag zes weken om bezwaar aan te tekenen tegen de taxatie.

(ANP) Bijna eenderde van de huiseigenaren vindt dat de WOZ-waarde van de eigen woning te hoog wordt ingeschat, was een conclusie uit onderzoek van de Vereniging Eigen Huis. Een hoge taxatie is vervelend, want die speelt niet alleen een rol bij de belasting op onroerende zaken, maar ook bij de inkomstenbelasting, met name de bepaling van het eigenwoningforfait, en eventuele waterschapsbelasting. Toch tekent slechts een klein deel van de eigenaren bezwaar aan. Het aantal klagers slinkt zelfs.

‘We zien geen stampende massa’s meer bij de balie van het gemeentehuis’, zegt Robert Verkuijlen, WOZ-expert bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). ‘Het optuigen van telefoonteams om klachten en vragen op te vangen, is ook niet meer nodig.’

In de begintijd van de WOZ maakte circa 8 procent van de aangeslagen eigenaren bezwaar tegen de taxatie, meldt Ruud Kathmann, bestuurder van de Waarderingskamer, de toezichthouder op de uitvoering van de wet WOZ. ‘In 2005 was dat nog 7,2 procent, het afgelopen jaar 3,3 procent. De eerste signalen zijn dat het percentage dit jaar nog lager zal uitkomen.’

‘Gemeenten leren ieder jaar bij’, zegt Kathmann. ‘De waardebepaling vindt plaats met behulp van geautomatiseerde systemen. Die zijn nu voldoende stabiel. En men heeft er inmiddels veel ervaring mee. Er wordt gewerkt met een systeem dat zichzelf verbetert. Je zou kunnen zeggen dat ook bezwaren daarbij een handje helpen.’

Het meest voorkomende argument om bezwaar te maken tegen een taxatie is de staat van onderhoud van een pand, zegt Rik Ligthart, coördinator van de afdeling WOZ van de gemeente Alkmaar. ‘Die wijkt dan af van de gemiddelde staat van onderhoud in de straat. Of de huiseigenaar stelt dat het object niet goed is omschreven, bijvoorbeeld een erfgrens.’

In Alkmaar kwamen vorig jaar na vijftigduizend aanslagen achthonderd bezwaarschriften binnen. Het merendeel werd afgewezen, soms na bekijken van luchtfoto’s van het getaxeerde eigendom. Enkele tientallen klachten werden gegrond verklaard. Dertig zaken kwamen terecht bij de rechter.

‘Landelijk gezien zitten we vrij laag met ons aantal bezwaren’, zegt Ligthart. ‘Dat komt omdat wij werken met voormeldingen waarop men kan reageren. Dat scheelt al veel.’

Gemeenten die veel bezwaren van burgers ontvangen, zijn ‘niet per se slechte taxateurs’, zegt Kathmann van de Waarderingskamer. ‘Soms worden er protestbezwaren ingediend als er een conflict is tussen de burger in een bepaalde buurt en de gemeente, bijvoorbeeld als daar de bestemming van een stuk grond wordt gewijzigd.’

Wat ook meespeelt bij de daling van het aantal bezwaren is dat nu jaarlijks wordt getaxeerd, in plaats van eens in de vier jaar, zoals was bepaald in de wet WOZ van 1995.

Kathmann: ‘Dat leidde bij de gestaag stijgende huizenprijzen soms tot een grote waardesprong, die niet altijd werd begrepen. Bij een jaarlijkse taxatie zal dat minder zijn. De marktontwikkeling helpt daarbij ook. De prijzen van onroerend goed stijgen nu minder sterk dan in voorgaande jaren.’

De Vereniging Eigen Huis heeft vorig jaar actie gevoerd tegen een ‘onbeperkte’ stijging van de ozb. Gemeenten mogen zelf de hoogte vaststellen van hun ozb. ‘Men heeft terughoudend gebruik gemaakt van die vrijheid’, zegt Verkuijlen van de VNG. ‘Dat verbaast ons niks. Het gaat hier om een heel zichtbare heffing, die altijd een heikel onderwerp vormt in het overleg van de gemeenteraad.’

In de dertig grootste gemeenten van Nederland is de gemiddelde stijging van de ozb 1,6 procent, aldus Verkuijlen. Van de overige gemeenten zijn de cijfers binnenkort bekend. ‘De gemiddelde aanslag zal 6 euro hoger zijn dan vorig jaar, denken wij. Op iedere 1.000 euro aan onroerend goed wordt iets minder dan 1 euro ozb betaald. Andere schattingen variëren van 5 tot 8 euro.’

‘De verschillen tussen de gemeenten worden daarbij kleiner, stelt de VNG vast. Verkuijlen: ‘De duurdere gemeenten doen het rustiger aan met de ontwikkeling van de ozb en de goedkopere gemeenten lopen wat in.’

Wie ondanks het zelfvertrouwen van de heffingsambtenaren en gemeenten bezwaar wil aantekenen, kan beginnen met het aanvragen van het taxatierapport van de eigen woning bij de gemeente.

Voor de taxatie heeft de gemeente gegevens verzameld als het bouwjaar van de woning, de inhoud, de oppervlakte van het kavel en eventuele dakkapellen en bijgebouwen. Daarnaast worden alle verkoopprijzen van woningen in de buurt verzameld.

Klagen over een klein verschil mag niet. Bij een woning van tussen de twee en vijf ton bijvoorbeeld moet het beweerde verschil met de taxatie ten minste 4 procent bedragen, met een minimum van 10.000 euro.

Verklaart de gemeente het bezwaar ongegrond, dan staat de gang naar de rechter nog open, tot aan cassatie bij de Hoge raad.


Datum toegevoegd: 21-03-2008

Terug